Pijlers voor nieuw jeugdbeleid – NJI (2010)

Volgens het Nederlands Jeugd Instituut moet de stelselwijziging van de jeugdzorg op twee pijlers berusten:
Pijler 1 – verbetering van de pedagogische kwaliteit van de leefomgeving van kinderen en jongeren door a) de nadruk te leggen op jeugdbeleid waarin de gewone, positieve ontwikkeling en opvoeding van jeugdigen centraal staan en b) het realiseren van een goede opvoedingsondersteuning.
Pijler 2 – opbouw van een samenhangende zorgstructuur die erop gericht is om a) de opvoeding en opvoedingsondersteuning niet over te nemen maar te versterken en b) als overname van de opvoeding noodzakelijk is,veel aandacht te besteden aan een goede besluitvorming en optimale kwaliteit van uitvoering.

Algemene opmerkingen:
Focus op de gewone, positieve ontwikkeling- het NJI is van mening dat er te weinig aandacht is voor de normale ontwikkeling van de jeugd in positieve zin. De nadruk moet niet liggen op de risico’s en problemen, maar op mogelijkheden en kansen. Ze wijst in dit verband op de methodiek van Triple-P.
Gezamenlijk opvoeden – Het NJI vindt het belangrijk dat iedere (beroeps-) opvoeder zo goed mogelijk is toegerust om die rol te vervullen, maar benadrukt ook dat het noodzakelijk is dat zij elkaar aanvullen en inspireren.

Visie op het nieuwe stelsel
CJG’s en ZAT zijn in de visie van het NJI de aangewezen instanties om de directe omgeving van het kind of jeugdige te ondersteunen, zowel de ouders als de beroepsopvoeders. Wanneer licht pedagogische hulp, de empowerement van de directe omgeving niet tot het gewenste resultaat leidt, is het nodig om specialistische vormen van hulp in te zetten.

CJG en ZAT verdienen bij het aanbod van specialistische hulp een centrale rol. Alleen professionals van die organisaties mogen intensieve, gespecialiseerde hulp inzetten. Alle hulp is gericht op het ‘herstel van het normale leven’ (naar Hermanns, 2009). Het NJI bepleit verder de invoering van het Stepped Care model (zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig). Eerste worden relatieve lichte vormen van zorg ingezet, en als die niet blijken te werken, de zwaardere en intensiever vromen. Voor gezinnen met complexere problematiek is het NJI voorstander van de Wraparound-benadering.

Waar het gaat om de zorg buiten eigen context, bijvoorbeeld plaatsing in een pleeggezin, tehuis of speciale onderwijsvoorziening, pleit het NJI voor een onderbouwing van die beslissing vanuit verschillende perspectieven. Daarnaast dient er zorgvuldig te worden gecontroleerd of de plicht tot het opvoeden in eigen context goed is nagekomen.

Het NJI streeft ernaar om de kwaliteit van de hulpverlening te waarborgen door aandacht te vragen voor evidence-based programma’s.

Als kwesties voor nadere uitwerking beschrijft het NJI:
Burgerschapvorming - het NJI wil stimuleren dat professionele jeugdvoorzieningen hun profiel en kwaliteitsbeleid hier duidelijker op enten.
Indicatiestelling – Het NJI is voorstander van het terugbrengen van de indicatiestelling naar de kern. Indicaties zijn alleen nodig bij het verstrekken van intensievere hulp, en dien te worden afgegeven door daarvoor geaccrediteerde professionals.
Jeugdbescherming – het is nog niet evident dat het CJG uitvoerder moet zijn van de jeugdbescherming. Het imago van het CJG kan daardoor geschaadt worden en het is de vraag of er een aparte instantie moet worden aangewezen.
Langdurige zorg – er moet worden onderzocht of de zorg langdurig is omdat de situatie dat vraagt, of dat de zorg van dermate kwaliteit is dat zij onvoldoende effect sorteert. Ook hier isdoorlichting en kwaliteitsverbetring het devies.

Wat betreft het bestuurlijke kader geeft het NJI als advies: koester de ervaring en expertise van de provincies, zoek de samenwerking zodat ook kleine gemeenten met succes hun beleid vorm kunnen geven en waak ervoor om het CJG te snel in de frontlinie van met name de intensieve hulp te zetten. Voorkom het effect dat CJG’s verwijsmachines worden, waardoor de verdere groei van gespecialiseerde zorg alleen maar toeneemt.

Voor de gehele brochure (10 pagina’s, PDF download) verwijzen wij graag naar de website van het NJI